Posts tonen met het label Citroen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Citroen. Alle posts tonen

zaterdag 18 augustus 2012

Marokkaanse koekjes: Meloeza


Dit weekend eindigt de Ramadan, dus dat betekent dat het Suikerfeest wordt gevierd. Het is het feest van samen eten en samenzijn. Lekkere zoetigheden mogen op het Suikerfeest natuurlijk niet ontbreken! Ik ben gek op Marokkaanse ghoriba (koekjes), vooral op deze Meloeza (M'louza). De koekjes zijn zacht en chewy tegelijk met een heerlijk frisse hint van citroen!

Wat heb je nodig voor de Meloeza:
ca. 40*

500 gram gepelde amandelen
250 gram poedersuiker, plus extra om het deeg door te wentelen
rasp van 2 biologische citroenen
2 (L) eieren

Zo maak je de koekjes:

1. Verwarm de oven voor op 150 °C en bekleed een bakplaat met bakpapier.
2. Maal de gepelde amandelen fijn in een keukenmachine. Zeef de poedersuiker, voeg deze toe aan de amandelen en maal nog eens fijn.
3. Roer de citroenrasp door het amandelmengsel en kneed vervolgens met je hand één voor één de eieren erdoor zodat je een smeuïg deegje krijgt.
4. Vorm met je handen ronde balletjes van het deeg en wentel ze door een beetje poedersuiker. Druk de koekjes in het midden iets plat met je duim voor een traditionele Marokkaanse vorm of druk ze iets plat met de palm van je hand voor een boller koekje.
5. Bak de koekjes ca. 20 minuten op de met bakpapier beklede bakplaat in de voorverwarmde oven. De koekjes zijn goed als ze stevig zijn maar nog wel bleek (ze horen niet bruin te worden!). De koekjes zullen barsten, maar dat hoort.
6. Haal de koekjes voorzichtig (met een kaasschaaf) van de bakplaat en laat ze afkoelen op een rooster.

Marokkaanse muntthee erbij en lekker genieten!

Bron: Merijn Tol & Nadia Zerouali, Arabia. Dit is een recept van Nadia's moeder Fadila die volgens Nadia de lekkerste koekjes bakt!

Tips & tricks:

* Ik maakte deegballetjes van zo'n 20 gram.
• Ongepelde amandelen zijn een stuk voordeliger dan gepelde amandelen. Zelf pellen is eigenlijk heel makkelijk: giet kokend water over de amandelen en laat 1-2 minuten staan. Giet ze af, laat ze schrikken onder de koude kraan en dep ze een beetje droog. Als het goed is, kun je de vliesjes er nu zo afpellen − leuke bezigheidstherapie ;-) Spreid de gepelde amandelen uit over een schone, droge theedoek en laat ze goed drogen (ik heb dit de avond van tevoren gedaan).
• Je kunt de koekjes prima invriezen.

Geniet van het mooie weer!

donderdag 2 augustus 2012

Marokkaanse Wortelsalade


Deze Marokkaanse Wortelsalade is één grote smaakexplosie: zoet, fris, kruidig, zuur, bitter en pittig! Ik heb de salade nog wat gepimpt met voor mij kenmerkende Marokkaanse smaken als kaneel en koriander (waar ik gek op ben!). Het leuke van deze wortelsalade is dat je zelf lekker kunt experimenteren met ingrediënten en smaken: meer knoflook, liever geen koriander (zonde!), minder komijnzaadjes, andere lekkere kruiden erbij... leef je uit!

Wat heb je nodig voor de Marokkaanse Wortelsalade:
4-6 personen

1 kilo worteltjes
zout
2 teentjes knoflook, gepeld en fijngesneden
olijfolie
3 theelepels komijnzaad
½ bosje platte peterselie, fijngesneden
4 theelepels paprikapoeder
1 theelepel kaneel
½ theelepel korianderzaad, gevijzeld
snufje kruidnagelpoeder
2 theelepels ingelegde citroenschil, fijngesneden*
sap van 1 citroen
pul biber naar smaak
versgemalen peper
½ bosje koriander, fijngesneden

Zo maak je de salade:

1. Maak de worteltjes schoon en snijd ze in stukjes van gelijke grootte.
2. Breng een pan met water aan de kook, voeg zout en de worteltjes toe. Kook ze in zo'n 10 minuten gaar. Giet ze af en spoel ze koud.
3. Fruit in een grote koekenpan of hapjespan de knoflook kort aan in de olijfolie. Voeg de komijnzaadjes toe en bak 1 minuut mee. Doe dan de worteltjes, de peterselie (houd wat over voor de garnering) en de rest van de ingrediënten, behalve de koriander, erbij. Breng op smaak met zout en peper.
4. Voeg op het laatst de koriander toe (houd weer wat over voor de garnering).
5. Garneer met wat pul biber, peterselie en koriander.

Eet de wortelsalade koud of lauwwarm.

Bron: Merijn Tol & Nadia Zerouali, Arabia met eigen twist

*Ingelegde citroenen kun je kopen bij de Marokkaanse winkel. Je kunt ze ook zelf maken! In m'n vorige blogbericht lees je hoe je ze maakt, hoe je ze gebruikt en waarvoor.

Deze Marokkaanse Wortelsalade serveerde ik bij een Libanese kibbeh met pijnboompitjes. Het recept voor de kibbeh komt de volgende x online!

zaterdag 28 juli 2012

Ingelegde citroenen


Kell's Kitchen gaat in de komende blogposts op de Arabische toer! "Huh, maar 't is toch Ramadan?", hoor ik je bijna denken... Ja, maar hoewel van zonsopgang tot zonsondergang wordt gevast, draait de Ramadan juist om eten en het samenzijn met familie en vrienden!
   Ik ben gek op de smaken en geuren van de Arabische keuken. Mijn enthousiasme voor de Arabische keuken wordt onder meer gevoed door Merijn en Nadia, de meiden van Arabia. Op het Food Film Festival dit jaar volgde ik hun workshop Arabische Lente. Later die dag had ik nog een leuk gesprek met hen over Italiaanse tomatensaus, de lekkere Marokkaanse koekjes van Nadia's moeder én ingelegde citroenen.

In gesprek met Merijn Tol en Nadia Zerouali 

Geïnspireerd door dit gesprek maakte ik, een tijdje terug, een onmisbare smaakmaker in veel Marokkaanse gerechten: ingelegde citroenen (ook wel ingemaakte of gepekelde citroenen genoemd). Je hebt wel wat geduld nodig voor deze citroentjes; ze zijn namelijk pas na een maand klaar voor gebruik. Bij ingelegde citroenen gaat het in principe om de schil (gebruik daarom biologische citroenen!). De schil wordt heerlijk zacht en heeft een frisse, zure, ziltige smaak. Gebruik ingelegde citroenen bijvoorbeeld in Marokkaanse tajines met lamsvlees of kip, bij vis of in salades.

Wat heb je nodig voor de ingelegde citroenen:

10 biologische (!) citroenen
200 gram grof zeezout
3 gedroogde (of 2 verse) laurierblaadjes
2 kaneelstokjes
3 steranijs
7 zwarte peperkorrels
7 korianderzaadjes
3 gedroogde chilipepers

1 gesteriliseerde glazen pot met deksel, inhoud 1 liter*

Zo maak je ze:

1. Pers 5 citroenen uit en zet apart.
2. Boen de rest van de citroenen goed schoon onder de kraan en maak ze droog. Snijd de citroenen in de lengte kruislings in; snijd niet helemaal door tot de onderkant zodat de 4 partjes nog aan elkaar blijven zitten.
3. Bedek de bodem van de gesteriliseerde pot met een laagje zeezout. Vul de citroenen met 1 eetlepel zout. Doe ze (met een gesteriliseerde lepel) in de pot en druk ze stevig aan. Het is een beetje proppen, maar het is de bedoeling dat de citroenen dicht tegen elkaar komen te liggen.
4. Verdeel de rest van het zeezout, de laurierblaadjes, kaneelstokjes, steranijs, peperkorrels, korianderzaadjes en chilipepers over de pot. Giet het citroensap erbij en vul eventueel aan met water zodat de citroenen volledig onder staan.
5. Sluit de pot goed af en laat de citroenen een maand (of iets langer) op een koele, donkere plaats staan. Schud de pot om de dag eventjes om.

Vis ingelegde citroenen met een brandschone lepel uit de pot en spoel ze voor gebruik goed af. Schraap de pulp er met de pitjes uit (de pulp kun je nog door een zeef drukken; het opgevangen vocht kun je dan bijvoorbeeld voor een dressing gebruiken). Snijd de schil in fijne reepjes.

Ingelegde citroenen kun je heel lang bewaren. Eenmaal geopend blijven de citroenen, in de koelkast, zeker 6 maanden (of zelfs langer) goed.

Bron: gebaseerd op een recept van Jamie Oliver (uit Jamie's reizen) met wat eigen toevoegingen.

Tips & tricks:

* Steriliseren van een schone weckpot in de oven (the Jamie way): verwarm de oven voor op 100 °C. Haal de rubberen rand van de deksel en zet de pot en deksel zo'n 20 minuten in de voorverwarmde oven. Leg de rubberen rand in kokend water. Haal de pot en de deksel voorzichtig met ovenhandschoenen uit de oven (zorg ervoor dat je de binnenkant niet aanraakt). Laat de pot, deksel en ring volledig afkoelen.
   Zo kan het ook: maak de pot en deksel eerst goed schoon in een sopje met afwasmiddel en spoel goed na met kokend water. Zet de pot vervolgens in een pan en giet er water bij zodat de pot volledig onder water staat. Breng dit aan de kook en laat 10 minuten koken. Doe ondertussen in de deksel wat soda en giet er kokend water in en laat zo’n 5 minuten staan. Spoel de deksel goed na en laat uitlekken op een schone theedoek (maak lepels e.d. die je gaat gebruiken op dezelfde manier schoon). Haal de pot voorzichtig, met een tang, uit de pan en laat ook op de schone doek uitlekken (droog schone deksels en potten nooit af). Steriliseer de pot kort van tevoren; zorg ervoor dat de pot is afgekoeld voordat je de citroenen erin doet.
• Je kunt als je wilt allerlei smaakjes toevoegen aan de citroenen, zoals kardemompeulen, kruidnagel, komijnzaadjes, anijszaadjes, venkelzaadjes, rozemarijn, paprikapoeder, pul biber of chiliflakes.
• Tip van Merijn: gebruik, als ze in het seizoen zijn, bergamots in plaats van citroenen.

Volgende x een lekkere Marokkaanse wortelsalade met ingelegde citroen!

woensdag 9 mei 2012

Zoete labne met lavendel en rabarber
& pistache-gember biscotti


Yotam Ottolenghi en Sami Tamimi kennen we allemaal van de heerlijke kookboeken Ottolenghi Het Kookboek en Plenty (het laatste is alleen van Ottolenghi). Ik ben al helemaal hooked on de kleuren, geuren en smaken van hun eten en ben dan ook ontzettend benieuwd naar hun nieuwe kookboek Jerusalem dat in september verschijnt. Voor dit boek gaan zij terug naar hun roots; zij laten zich inspireren door de stad waar zij beiden in hetzelfde jaar (1968) zijn geboren.

Naast hun kookboeken zijn de Ottolenghi-mannen druk met hun vier Ottolenghi-zaken in Londen: "eetwinkel, patisserie, delicatessenwinkel, restaurant en bakkerswinkel" in één. En, alsof dat allemaal nog niet genoeg is, opende het Ottolenghi-team iets meer dan een jaar geleden restaurant Nopi. Nopi is een brasserie, in de gezellige Londense wijk Soho, waar je gerechten kunt eten met smaken uit het Midden-Oosten en Azië.
   Op de menukaart van Nopi ontdekte ik een heerlijk dessert: Lavender labneh, roasted rhubarb, pine nut biscotti! Na even googlen vond ik ook nog een recept van Ottolenghi voor Roasted rhubarb with sweet labneh en kon ik direct aan de slag!

Wat heb je nodig:
4 personen

Voor de zoete labne
800 gram volle (Griekse) yoghurt
80 gram poedersuiker
¼ theelepel zout
gedroogde lavendel, optioneel (zie Tips & Tricks)

Voor de geroosterde rabarber
1 biologische citroen (alleen de schil)
400 gram rabarber
1 dl Prosecco
1 theelepel rozenwater
70 gram fijne kristalsuiker
½ vanillestokje

gedroogde lavendel voor de garnering
pistache-gember biscotti

Zo maak je het:

1. Doe de yoghurt in een kom en zeef de poedersuiker erboven. Voeg het zout toe en meng alles goed door elkaar. Leg een schone vochtige doek (thee- of kaasdoek) in een grote kom en giet de yoghurt erin. Knoop de doek dicht met een elastiek of touwtje en hang de doek boven de kom in de koelkast. Laat de yoghurt minimaal 6 uur, maar liever nog een hele nacht (maximaal 18 uur) uitlekken. Wring de doek zo nu en dan even uit.
2. Verwarm de oven voor op 180°C. Boen de citroen goed schoon. Haal de helft van de schil eraf met een dunschiller en snijd in dunne reepjes (de rest rasp je later fijn).
3. Maak de rabarber schoon en snijd in schuine stukjes van zo'n 4 cm. Doe de rabarber in een ovenschaal (waar de stukjes rabarber net in passen). Mix met de Prosecco, rozenwater, suiker en citroenreepjes. Splits het halve vanillestokje, schraap het merg eruit en voeg beide toe aan het rabarbermengsel.
4. Zet de schaal onafgedekt zo'n 20 minuten in de voorverwarmde oven, tot de rabarber zacht is (maar niet papperig). Laat afkoelen.
5. Wring de doek met de yoghurt nog 1 x goed uit en schraap de uitgelekte yoghurt van de doek in een kom. Rasp de overgebleven schil van de citroen fijn en roer de rasp door de yoghurt. Verdeel de zoete labne over 4 borden. Schep de rabarber erbij en overgiet met wat rabarbervocht. Strooi de gedroogde lavendel erover en serveer met de pistache-gember biscotti.

Bron: Yotam Ottolenghi via The Guardian (met eigen twist)


Tips & tricks:

• Om een subtiele hint van lavendel aan de labne (Arabische hangop) te geven, kun je de poedersuiker van tevoren parfumeren met lavendel. Ik heb hiervoor 1 theelepel gedroogde lavendel toegevoegd aan de gezeefde poedersuiker. Meng dit goed door en bewaar de lavendelsuiker in een luchtdicht bakje. Schud af en toe even. Hoe langer je 't laat rusten, hoe beter het aroma van de lavendel in de poedersuiker trekt. De poedersuiker heb ik, voordat deze door de yoghurt gaat, gezeefd om de lavendel te verwijderen.
• Het ophangen van de doek met yoghurt in de koelkast kan nogal een uitdaging zijn; je kunt de doek met een stevig touw aan een rekje (met spijltjes) in de koelkast hangen of hang de doek aan een stevige houten pollepel en leg de pollepel op de rand van een kom zodat de doek boven het midden van de kom hangt (zorg er wel voor dat de doek niet in aanraking komt met het opgevangen vocht). Makkelijker is het om een grote zeef of groot vergiet te gebruiken. Plaats deze bekleed met een vochtige doek op een grote kom en giet er de yoghurt in. Dek af met plastic folie en laat uitlekken in de koelkast.
• Je kunt het rabarbervocht, eventueel met een beetje maizena, nog wat inkoken.
• Ik serveerde pistache-gember biscotti (in plaats van biscotti met pijnboompitten, zoals staat op de menukaart van Nopi) bij dit dessert. Het recept voor de pistache-gember biscotti staat in m'n vorige blogpost. Geen tijd om de biscotti te bakken? Garneer het dessert dan met grof gehakte pistachenootjes.
• Gedroogde lavendel geschikt voor consumptie vind je bij Dille & Kamille.
• Rozenwater kun je kopen bij Marokkaanse, Turkse en Midden-Oosterse winkels.

zaterdag 5 mei 2012

Pistache-gemberbiscotti van Ottolenghi


Deze biscotti zijn niet de traditionele tandenbrekers, maar een zachtere variant van de Italiaanse koekjes. De naam zegt het al, het zijn koekjes die twee keer in de oven gebakken worden. Nu hoor ik je denken: wat 'n gedoe?! Niet dus; ze zijn heel makkelijk te maken!
   Hoewel ze niet zo hard zijn als de meeste cantuccini kun je ze evengoed in koffie of Vin Santo dopen, maar zo zijn ze ook al lekker. Pas wel op; als je er 1 op hebt, wil je er meer ;-)

Wat heb je nodig voor de Pistache-gemberbiscotti:
25 biscotti

150 gram bloem, plus 'n beetje extra
½ theelepel gemberpoeder
¼ theelepel zout
80 gram ongezouten roomboter
110 gram fijne kristalsuiker
2 (M) eieren, losgeklopt
1 eetlepel cognac
schil van 2 biologische citroenen, fijn geraspt
80 gram ongezouten pistachenoten
60 gram stemgember (op siroop), uitgelekt en in stukjes gesneden

Zo maak je de Pistache-gemberbiscotti:

1. Bekleed een bakplaat met bakpapier. Meng alvast de bloem, het gemberpoeder en het zout door elkaar en bewaar voor later.
2. Klop met een handmixer de roomboter en suiker tot een licht en luchtig mengsel. Mix eerst de eieren er één voor één goed door en dan de cognac en citroenrasp.
3. Roer de droge ingrediënten door het mengsel. Als dit goed gemengd is, spatel je de hele pistachenootjes en stukjes gember door het koekjesdeeg.
4. Bestuif de met bakpapier beklede bakplaat met bloem, schep het deeg erop en laat zo'n 30 minuten rusten in de koelkast. Verwarm ondertussen de oven voor op 170°C.
5. Haal het deeg uit de koelkast. Bestuif je handen met bloem en vorm een 25 cm lange rol van het deeg ('t hoeft niet perfect; het deeg zal tijdens het bakken toch nog iets uitlopen). Bak de deegrol 20 minuten in de oven en laat vervolgens volledig afkoelen.
6. Snijd de afgekoelde deegrol met een kartelmes in plakjes van 1 cm. Leg ze plat neer op een met bakpapier beklede bakplaat en bak ze in een voorverwarmde oven, nu op 130°C, in 40 minuten af tot ze knapperig zijn. Laat de biscotti op een rooster afkoelen en bewaar ze in een luchtdichte trommel.

Bron: Yotam Ottolenghi en Sami Tamimi, Ottolenghi Het Kookboek

Tips & tricks:

• In het originele recept wordt de geraspte schil van 1½ sinaasappel gebruikt (ik koos voor citroen omdat ik de biscotti wilde combineren met een dessert waarin ook citroenschil werd gebruikt).
• De oventemperaturen in dit recept zijn voor een conventionele oven. Heb je een heteluchtoven verlaag de temperatuur dan met 10%.

Volgende x 'n lekker toetje met rabarber én deze koekjes!


Geniet van je weekend!

dinsdag 30 augustus 2011

Tarte au citron


De technical challenge in de 2e aflevering van The Great British Bake Off was het bakken van een Tarte au citron. Ik ben echt gek op citroen dus deze taart moest ik gewoon maken. So, on your marks, get set... bake!


Wat heb je nodig voor de Tarte au citron:

Voor de deegbodem:

175 gram bloem
25 gram poedersuiker
100 gram ongezouten koude roomboter, in blokjes
1 eigeel, losgeklopt
1 eetlepel koud water

Voor de vulling:
5 eieren
225 gram fijne kristalsuiker
125 ml ongeslagen room
4 citroenen, fijn geraspte schil en sap

extra poedersuiker voor garnering


Zo maak je de Tarte au citron:

Deeg:
1. Zeef de bloem en poedersuiker boven een grote kom en meng door elkaar. Wrijf met je vingertoppen de blokjes koude boter erdoor tot je de structuur van broodkruim krijgt. Voeg het eigeel en 1 eetlepel koud water toe. Maak snel een bal van het deeg en druk het plat tot zo'n 2 cm dikte. Wikkel het deeg in plastic folie en leg het minstens 30 minuten in de koelkast
2. Vet een taartvorm met losse bodem van 23 cm Ø in.
3. Rol het deeg tussen 2 grote stukken plastic folie rond uit tot een dikte van 3 mm. Bekleed de ingevette vorm met de ronde deeglap en druk het deeg zachtjes aan op de bodem en in de rand. Haal het deeg dat overhangt weg door met je duim over de bovenkant van de rand te gaan. Prik gaatjes in de bodem met een vork en zet de deegbodem weer 30 minuten in de koelkast. Verwarm de oven voor op 200 °C (moet zijn: 200 °C of 180 °C heteluchtoven).
4. Neem een groot stuk bakpapier, maak er een prop van en vouw het weer open. Bekleed de taartbodem met het bakpapier en vul met bakbonen of ongekookte rijst. Gebruik voldoende vulling zodat de rand van de taart niet kan inzakken. Zet de bodem 12 à 15 minuten in de oven, verwijder dan de vulling en het bakpapier en laat nog 10 à 12 minuten bakken of totdat de taartbodem licht goudbruin en droog is. Laat de taartbodem afkoelen en verlaag de oventemperatuur naar 170 °C (moet zijn: 160 °C of 140 °C hetelucht). Maak ondertussen de vulling.

Vulling:
1. Klop de eieren los met een garde. Voeg de suiker, de room en het citroensap (150 ml) toe. Mix tot alles goed gemengd is. Giet de vulling door een zeef over in een maatbeker en meng de citroenrasp erdoor.
2. Schenk de vulling voorzichtig in de afgekoelde taartbodem (om te voorkomen dat je morst wanneer je de taart in de oven doet, kun je de taartbodem beter eerst weer in de oven terugzetten en daarna pas de vulling in de bodem gieten). Bak de taart 30-35 minuten in de voorverwarmde oven of tot de vulling stevig is en alleen in het midden nog een beetje zacht (wiebelig).
3. Laat de citroentaart volledig afkoelen (na zo'n 30 minuten kun je voorzichtig de rand van de taartvorm verwijderen door de taart op een glas of pot te zetten). Je kunt de taart op kamertemperatuur of koud serveren. Bestrooi de taart, als je wilt, met poedersuiker net voordat je 'm gaat eten.

Het recept voor de Tarte au citron van Mary Berry vind je hier.

De vetgedrukte tekst zijn wijzigingen naar aanleiding van de masterclass van Mary Berry (zie ook de update onderaan dit artikel).


Tips & tricks:

• Laat je niet afschrikken door het blind bakken, het is niet zo moeilijk als het lijkt.
• Zorg ervoor dat je het deeg goed koud houdt (werk met koude handen) en het niet te lang kneedt anders krijg je een te elastisch, vettig deeg waardoor de bodem van de taart taai wordt. Door het deeg in de koelkast te leggen kunnen de gluten, die zich hebben gevormd tijdens het kneden, tot rust komen en is het deeg makkelijker uit te rollen en zal het minder (snel) krimpen.
• Druk het deeg in de vorm aan met plastic folie of een beetje deeg in de vorm van een balletje, zo maak je het deeg niet warm met je handen en voorkom je dat je het deeg kapot maakt met je nagels.
• Bewaar het overtollige deeg zodat je het deeg kunt oplappen mochten er tijdens het bakken barsten in de deegbodem zijn ontstaan. Maak een klein stukje deeg plat tussen je duim en wijsvinger, leg dat over de barst en druk het voorzichtig aan met je vinger.
• Mary Berry gebruikt in haar recept een andere manier om het deeg uit te rollen: neem een groot stuk bakpapier. Leg daar de bodem van de taartvorm op en teken een cirkel om de taartbodem heen die rondom 4 cm groter is dan de bodem zelf. Bestuif de taartbodem met bloem. Leg het deeg in het midden van de taartbodem en rol het uit tot het net zo groot is als de cirkel die je getekend hebt (zorg ervoor dat je het deeg in een ronde vorm uitrolt). Vouw het deeg dat buiten de taartbodem komt losjes naar binnen en leg de taartbodem voorzichtig terug in de taartvorm.


Aangezien het bij The Great British Bake Off allemaal draait om het beoordelen van iemands baking skills zal ik ook nog even mijn oordeel geven over deze klassieke citroentaart. Ik vond 'm in ieder geval erg lekker; de taart heeft precies de juiste balans tussen zoet en zuur − al denk ik wel dat je echt van citroen moet houden.
   Ik had wel wat issues met het online recept waarin 'n aantal dingen niet wordt aangegeven. Zoals hoe diep de bakvorm moet zijn: ik heb een taartvorm met een diepte van iets meer dan 2 cm gebruikt, maar daar paste lang niet al mijn vulling in. De vulling was zo'n 800 ml in totaal en na het vullen van de taart hield ik nog ongeveer 300 ml over (ik had dus nog 'n 2e taart kunnen bakken!). Hoewel de taartvormen er op tv niet veel dieper uitzagen (voor zover je dat kon zien), had Mary wellicht toch 'n andere taartvorm in gedachten.
   Welke maat eieren je moet gebruiken wordt niet vermeld in het recept − maar dat zie je eigenlijk wel vaker − ik heb in ieder geval Klasse L gebruikt. Verder vind ik het persoonlijk prettiger (ik ben nogal precies) als in een recept wordt aangegeven hoeveel ml citroensap je nodig hebt, want de ene citroen is de ander niet... In de aflevering zelf werd gelukkig gezegd dat je net zoveel sap als suiker moet gebruiken, dus heb ik 225 ml genomen.
   Laatste puntje is de temperatuur waarop de vulling wordt gebakken. Nu weet ik dat elke oven anders is, maar 170 °C leek mij wat hoog. De vulling van mijn citroentaart bakte in ieder geval niet zo mooi als de taart die je op tv in de oven gebakken zag worden. De vulling begon op een gegeven moment zelfs te borrelen. Het is niet de bedoeling dat de vulling kookt, een volgende keer zet ik de oven daarom liever op 160 °C.
   Anyway, het bakken van de Tarte au citron was ontzettend leuk en het resultaat mocht er absoluut zijn; ik had Mary Berry graag 'n stukje laten proeven!


Vergeet vanavond niet te kijken naar een nieuwe aflevering van The Great British Bake Off (21:00 uur op BBC2)!


Update na masterclass met Mary Berry:

In de eerste ultimate baking masterclass legt Mary Berry precies uit hoe deze tarte au citron moet worden gemaakt. Ideaal, want dankzij Mary's insight tips heb ik geen vraagtekens meer (zie hierboven) bij het maken van deze heerlijke citroentaart − al weet ik nog steeds niet welke maat eieren wordt gebruikt.

• De taartvorm met losse bodem van 23 cm Ø moet zo'n 2,5 cm hoog zijn.
• Voor de vulling gebruik je 150 ml citroensap. De uiteindelijke vulling moet één pint (568 ml) zijn.
• In de masterclass maakt Mary Berry de vulling op een iets andere manier: klop met een garde eerst de eieren en de fijne kristalsuiker tot een glad mengsel. Meng dan de citroenrasp en het citroensap erdoor. Als laatste mix je de slagroom door het mengsel. Giet de vulling in een maatbeker en klop de vulling, net voordat je deze in de taartbodem giet, nog even goed door met de garde zodat de citroenrasp goed verdeeld is.
• De juiste oventemperatuur voor het (twee keer) bakken van de taartbodem is 200 °C of 180 °C (heteluchtoven). De eerste keer zet je de bodem zo'n 10 minuten in de oven, de tweede keer 10 à 15 minuten totdat de taartbodem helemaal droog is. Met de vulling erin gaat de taart nog zo'n 35 minuten de oven in op 160 °C of 140 °C (hetelucht).

donderdag 7 juli 2011

Lemon curd


It's sweet. I's creamy. It's tangy. It's Lemon curd en ik ben er gek op!
Deze citroen spread is heerlijk op een geroosterd boterhammetje (met roomboter), maar ook lekker door slagroom (zoals bij de Wimbledon Trifle), op cheesecake of bij mijn persoonlijke favoriet scones


Wat heb je nodig voor de Lemon curd:

75 gram ongezouten roomboter
150 gram suiker
3 citroenen, fijn geraspte schil en sap
2 eieren
1 eidooier


Zo maak je de Lemon curd:

1. Verwarm de boter, suiker, citroenrasp en -sap in een kleine pan op een laag vuur totdat de boter gesmolten is.
2. Klop de eieren en de eidooier los in een kom; gebruik hiervoor een garde en zorg ervoor dat ze helemaal goed zijn losgeklopt.
3. Giet de eieren geleidelijk bij het botermengsel in de pan terwijl je roert met een houten lepel. Laat het mengsel op een laag vuur dikker worden terwijl je blijft roeren. De lemon curd is klaar wanneer het mengsel op de achterkant van de lepel blijft plakken. Dit kan even duren (zo rond de 10 minuten) maar zet het vuur echt niet hoger want dan krijg je roerei.
4. Haal de pan van het vuur en giet de lemon curd in een kom of een gesteriliseerde glazen pot.

Bron: Rachel Allen, Bake (Uit de oven, het recept vind je ook online).


• In dit recept wordt niet gespecificeerd hoeveel ml citroensap je nodig hebt voor de lemon curd. Ik had grote citroenen in huis en ik kreeg 70 ml sap uit één citroen, dus ik heb 2 citroenen gebruikt in plaats van 3. Met dit recept maakte ik ca. 350 gram lemon curd. 
• Zie je nu toch stukjes roerei? Zeef het mengsel dan direct, giet het in een schone pan en verwarm het mengsel voorzichtig opnieuw.
• Als je de lemon curd in een kom giet, leg dan plastic folie direct op de lemon curd om te voorkomen dat er een velletje op komt.
• Als je de lemon curd in een gesteriliseerde pot giet, blijft de lemon curd in de koelkast zo'n 2 weken goed. Wil je weten hoe je een glazen pot steriliseert, kijk dan even bij het recept voor Bosvruchtenjam.

zaterdag 2 juli 2011

Citroencake

Deze cake heeft last van een identiteitscrisis?! Het is een citroencake, maar de cake wordt eigenlijk Madeira cake genoemd. De Madeira cake heeft zijn naam te danken aan de Madeira wijn die oorspronkelijk in de 19e eeuw bij de cake geschonken werd. De cake zelf bevat geen druppeltje Madeira, maar wel heerlijk frisse citroen. Het recept voor deze cake komt uit Hoe word ik een goddelijke huisvrouw? van Nigella Lawson. Ik heb het boek zelf niet, maar het recept kun je gelukkig ook op haar site vinden.



Wat heb je nodig voor de Citroencake:

240 gram ongezouten roomboter
200 gram fijne kristalsuiker, plus een beetje extra
rasp en sap van 1 citroen
3 eieren, L
210 gram zelfrijzend bakmeel
90 gram bloem
snufje zout
cakevorm van 25 x 12 cm


Zo maak je de cake:


1. Breng de roomboter en eieren op kamertemperatuur.
2. Plaats het rooster iets onder het midden van de oven en verwarm de oven voor op 170 °C. Vet de cakevorm in en bekleed met bakpapier zodat het bakpapier aan de lange zijden uitsteekt (dan kun je de cake na het bakken zo uit de vorm tillen).
3. Zeef het zelfrijzend bakmeel en de bloem en meng in een kom door elkaar.
4. Mix de roomboter en suiker met een mixer in zo'n 5 minuten licht en luchtig. Meng vervolgens de citroenrasp erdoor.
5. Mix één voor één de eieren erdoor. Voeg het volgende ei pas toe als het vorige goed is opgenomen. Voeg bij elk ei 1 eetlepel van het meelmengsel toe om te voorkomen dat het cakebeslag gaat schiften.
6. Meng 'n snufje zout door het resterende meelmengsel en spatel het luchtig door het cakebeslag. Voeg ten slotte het citroensap toe (ik had 'n grote citroen en kwam uit op 5 eetlepels citroensap).
7. Schep het beslag voorzichtig in de cakevorm. Strijk de bovenkant glad en bestrooi met 1,5 à 2 eetlepels suiker.  
8. Bak de cake in de voorverwarmde oven in ongeveer 1 uur gaar en goudbruin (mijn cake had 10 minuutjes langer nodig). De cake is gaar als een in het midden van de cake gestoken prikker er droog uitkomt. Laat de cake 10 minuten in de vorm afkoelen. Til vervolgens de cake met behulp van het bakpapier uit de vorm en laat op een rooster verder afkoelen.